Ergonomie

Uit Wikifysio
Ga naar: navigatie, zoeken

Ergonomie is de wetenschappelijke studie van de mens in relatie tot zijn omgeving. Dit kan een product, ruimte of werkplek zijn. Ergonomie zit vervat in ons dagelijks leven, maar is vooral gekend in arbeidssituaties. Het is immers afgeleid van de Griekse woorden ‘ergon’ (werk) en ‘nomos’ (wet) en moet ervoor zorgen dat de veiligheid en gezondheid van de werknemers verzekerd wordt. Bij het ontwerpen van consumentengoederen en interieurs speelt vooral comfort en het doeltreffend functioneren een rol.

Definities

De Nederlandse Vereniging voor Ergonomie hanteert de volgende definitie voor ergonomie:

  • “Ergonomie streeft naar het zodanig ontwerpen van gebruiksvoorwerpen, technische systemen en taken dat de veiligheid, de gezondheid, het comfort en het doeltreffend functioneren van mensen wordt bevorderd.”

In augustus 2000, formuleerde de IEA (International Ergonomics Association) volgende definitie:

  • “Ergonomie (of human factors) is de wetenschappelijke discipline die zich bezig houdt met het begrijpen van de interactie tussen de mens en andere elementen van een systeem. Het is het beroep dat de theorie, principes, gegevens en methodes toepast om zo te ontwerpen dat het menselijk welzijn en de globale prestatie van het systeem geoptimaliseerd wordt."

"De ergonoom draagt bij tot het zodanig ontwerpen en evalueren van taken, jobs, producten, ruimtes en systemen dat ze tegemoet komen aan de noden, mogelijkheden en beperkingen van mensen."

Verder worden nog vier specialisatiedomeinen afgebakend:

  • Fysieke ergonomie: houdt rekening met de menselijke anatomie, antropometrie, fysiologie, biomechanica in relatie tot de fysieke activiteit. Relevante topics zijn de werkhoudingen, manueel hanteren van lasten, repetitieve bewegingen, werkgerelateerde musculoskeletale klachten, werkplekinrichting, veiligheid en gezondheid.

Erg1.JPG Werkplek aangepast aan fysiek ergonomische eisen

  • Cognitieve ergonomie bestudeert de mentale processen zoals perceptie, geheugen, denken en motorische reacties in de interactie tussen mens en systeem. Relevante topics zijn de mentale werkbelasting, beslissen, mens-computer interactie, menselijke betrouwbaarheid, stress en training.
  • Taalergonomie is gericht op het in kaart brengen van optimale aanpassing van de talige vorm van een tekst (woordkeus, zinsbouw, opbouw van een alinea) zowel als van de 'dragers' van die tekst (lettertype, lettergrootte, contrast tussen tekst en achtergrond, regelafstand, regelbreedte) aan onderzoeksresultaten met betrekking tot lezen.
  • Organisatie ergonomie focust op het optimaliseren van sociotechnische systemen zoals organisatiestructuren en –processen. Onderwerpen zijn communicatie, ontwerpen van werkplekken en –tijden, teamwork, participatieve ergonomie, telewerken en kwaliteitszorg.

Voorbeelden

Fysieke ergonomie

Auto’s, huizen, tafels en stoelen,… heel de wereld is op maat van de mens gebouwd. Deuren vereisen niet te veel kracht om geopend te worden, winkelkarren verlichten het dragen van boodschappen, een lange borstelsteel maakt bukken overbodig en fietsen hebben verschillende maten zodat extreme houdingen vermeden worden. In arbeidsituaties wordt vooral aandacht besteed aan een correct zitgedrag achter de pc, het heffen en tillen of trekken en duwen van lasten, aangepaste handgereedschappen om afwijkende handposities te vermijden...

Cognitieve ergonomie

Informatie zoals de uurschema’s van bussen moet men liefst kunnen vinden, lezen en begrijpen. Technologische producten zoals een gsm krijgen steeds meer functies die dan in een menustructuur te vinden zijn. Belangrijk is dat de gebruikers deze mogelijkheden kennen, begrijpen en eenvoudig kunnen gebruiken zonder te veel hulp van de handleiding. Op het werk moet eentonig werk vermeden worden, maar te veel informatie tegelijk controleren zal ook tot overbelasting leiden. De mens zal moeten ingrijpen wanneer een computergestuurd proces fout loopt. Door de evolutie wordt de technologie steeds ingewikkelder, terwijl de mens minder moeten ingrijpen, waardoor hij echter ook minder getraind is.

Taalergonomie

Hoewel de schrijver (m/v) van een tekst zelf ook lezer is, wordt deze geconfronteerd met een probleem. Welke woordkeus, zinsbouw, opbouw van een alinea en welke grafische vormgeving (lettertype, lettergrootte, regellengte, regelafstand, al dan niet afgebroken woorden) sluiten optimaal aan bij de leesvaardigheid van een beoogd leespubliek? Het probleem komt voort uit het feit dat het leesproces zich grotendeels afspeelt buiten het bewustzijn van een lezer, en dus ook van een schrijver als lezer van de eigen tekst. Je weet immers als lezer bijvoorbeeld wel dat je een woord hebt herkend maar niet hoe. Je kunt dus ook geen gefundeerd oordeel geven over een eventuele verbetering van dat proces door een bepaalde woordkeus etc. Schrijvers kunnen dus moeilijk inschatten welke talige en grafische vormgeving van een tekst leiden tot een optimale leesbaarheid van hun tekst. Hier bieden theorievorming en onderzoek naar onderdelen van het leesproces uitkomst. Zo heeft bijvoorbeeld onderzoek naar het effect van woordafbrekingen op de herkenbaarheid van woorden<ref>Nas, G.L.J. (1988), The effect on reading speed of word divisions at the end of a line. In: G. Mulder & G. vd Veer, Human Computer Interaction: Psychonomic Aspects, 125-143. Springer Verlag, Berlin.</ref> geleid tot een resultaat dat schrijvers in staat stelt om een gefundeerde beslissing te nemen over het al dan niet toepassen van woordafbrekingen in een tekstkolom.

Organisatie-ergonomie

Een keuken is zo ingericht dat koken en afwassen vlot kunnen verlopen en de loopafstanden beperkt blijven. In arbeidssituaties is de achterliggende gedachte een goede werksfeer te creëren die zorgt voor tevreden en productieve mensen. Ook het betrekken van de werknemers bij het ontwerpen of aanpassen van een nieuwe werkpost resulteert in betere oplossingen. Een juiste afwisseling van shiften bij ploegenarbeid heeft ook invloed op het sociale leven en welbevinden van de werknemers.

Geschiedenis

In 1857 gebruikte Jastrzebowski als eerste de term ergonomie in zijn boek over de wetenschap van het werken. De ontwikkeling van het vakgebied gebeurde in twee golven. Tijdens de Industriële Revolutie is er de opkomst van de massaproductie. Men ontwerpt niet meer voor een individuele klant, maar iedereen moet het product kunnen gebruiken. Zo groeit de aandacht voor de fysieke ergonomie en meer bepaald de antropometrie, de leer van de menselijke lichaamsafmetingen. Nog belangrijker is de organisatie ergonomie. Onder invloed van het Taylorisme wordt gestreefd naar een meer efficiënte organisatie van het werk met als doel de productiviteit op te drijven. Dit is nu nog steeds terug te vinden in de definitie van ergonomie.

Een tweede boost komt na de Tweede Wereldoorlog. In de militaire luchtvaart trachtte men te analyseren en te begrijpen waarom bepaalde ongevallen gebeurden om die kennis vervolgens toe te passen in het ontwerpproces en bij het selecteren en opleiden van personeel. Uit deze studies bleek dat bedieningsfouten vaak te wijten zijn aan het niet aangepast zijn van de machine aan de mens. Zo ontwikkelde de cognitieve ergonomie zich vooral in de Angelsaksische landen en dit leidde tot de term "Human Factors". Toepassing van ergonomische kennis bij het ontwerpen van een systeem, moet dit soort ongevallen ten gevolge van het verkeerd inschatten, begrijpen of interpreteren van de situatie tegengaan. Inmiddels klassieke voorbeelden van ongevallen waarin Human Factors een belangrijke rol speelden zijn het kapseizen van de Herald of Free Enterprise en het ontploffen van de Spaceshuttle Challenger.

Buiten de ontwerpwereld speelt ergonomie sinds enkele decennia ook een rol in de preventiewereld. De Europese kaderrichtlijn over de veiligheid en gezondheid op het werk creëert immers een wettelijk draagvlak voor ergonomie. In de eerste plaats gaat de aandacht uit naar het voorkomen van overbelastingsletsels ten gevolge van de werkomstandigheden. De oplossingen hiervoor kunnen liggen bij de organisatie van het werk, het technisch ontwerp van de werkpost of de opleiding van het personeel.

Praktijk

Ergonomie is een multidisciplinaire opleiding. Zowel technische en economische als psychologische en arbeids-organisatorische aspecten bepalen mee de deskundigheid van de ergonoom.

In België voorziet de Welzijnswet een specifiek domein voor ergonomie. Ergonomen zijn zo vooral werkzaam in een preventiedienst. Deze wordt intern in het bedrijf georganiseerd of uitbesteed aan een externe dienst. Voor een preventieadviseur ergonomie in een Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk gelden strikte regels. Zo is momenteel een universitaire opleiding, 9 jaar ervaring, een multidisciplinaire basisvorming en een specialisatiemodule ergonomie vereist. De opleiding bedrijfsergonomie aan de universiteit van Antwerpen voorziet deze laatste twee onderdelen.

In Nederland vindt de ergonoom zijn weerslag in verschillende wet- en regelgeving. Er is de Arbeidsomstandighedenwet waarin bij wijze van kaderwetgeving diverse Europese richtlijnen zijn verwerkt. Voor ergonomische vraagstukken wordt veelal beroep gedaan op ergonomische adviesbureaus of consulenten. Ook is de ergonomie veel meer ontwikkeld op het domein van Industrieel Ontwerpen vergeleken met België. Onderzoek vindt veelal plaats via bijvoorbeeld de TU Delft en de TU Eindhoven.

Zie ook

Externe links

Youtube

Bron

  • Wikipedia