Leeftijd

Uit Wikifysio
Ga naar: navigatie, zoeken

Wat is leeftijd?

In het algemeen onderscheidt men 4 types van leeftijden:

  • de chronologische leeftijd
  • de biologische leeftijd
  • de psychologische leeftijd
  • de sociale leeftijd.

Men spreekt ook over subjectieve leeftijd en functionele leeftijd.

De chronologische leeftijd

De chronologische leeftijd is het aantal jaren sinds de geboorte: iemand van 60 is ouder dan iemand van 30. Soms worden oudere personen in 4 groepen opgesplitst

  • De 'O+', die het onderwerp van dit document zijn: van … 45 tot 65 jaar
  • De 'jonge bejaarden' van 65 tot 75 jaar
  • De 'oude bejaarden' van 75 tot 85 jaar
  • De 'zeer oude bejaarden' van meer dan 85 jaar

Meestal is het de chronologische leeftijd die gebruikt wordt om de leeftijd van een persoon te beoordelen. Recent is evenwel gebleken dat deze parameter niet altijd een afspiegeling is van de lichamelijke gezondheid, de mentale vaardigheden of de sociale status. Hij is wel de eenvoudigste en meest objectieve maatstaf voor de leeftijd.

De biologische leeftijd

De biologische leeftijd is gebaseerd op de algemene toestand van het organisme, en meer in het bijzonder van het hart, de longen en het bloedsomloopsysteem, rekening houdend met de senescentie en de ziekten die de persoon heeft doorgemaakt.

  • Senescentie is het normale verouderingsproces, gekenmerkt door een vertraging

van de vitale activiteit en een geleidelijke achteruitgang van het organisme. Zij omvat dus niet de wijzigingen die te wijten zijn aan ziekten, en heeft hoofdzakelijk betrekking op een verminderde celvernieuwing of de afbraak van cellen naarmate het organisme chronologisch ouder wordt. Een voorbeeld: de geleidelijke achteruitgang van de talg- en zweetklieren verklaart dat de oudere persoon minder transpireert en een drogere huid heeft.

  • Seniliteit daarentegen is niet noodzakelijk gekoppeld aan de chronologische

leeftijd (hoewel ze vooral bij bejaarden voorkomt), en wordt als een ziekte beschouwd. Artritis, osteoporose, hartaandoeningen, de ziekte van Alzheimer, … moeten dan ook onderscheiden worden van het senescentieverschijnsel.Ten gevolge van het verouderingsproces neemt de waarschijnlijkheid van deze aandoeningen wel toe met de leeftijd.

De psychologische leeftijd

De psychologische leeftijd wordt bepaald door de toestand van de zintuigelijke en perceptieprocessen, de mentale functies (geheugen, intelligentie, leervermogen, …), de persoonlijkheidstransformatie, de motiveringen, de verlangens …

De sociale leeftijd

De sociale leeftijd wordt bepaald door het type van relatie van de persoon en de rol van die persoon ten aanzien van zijn familie, zijn vrienden, de werkwereld, de godsdienst- of politieke organisaties, de samenleving in het algemeen. Die relaties en die rol zijn uiteraard afhankelijk van de chronologische (werksituatie en mening van anderen), biologische en psychologische leeftijd van de betrokken persoon. De diverse leeftijdstypes zijn dan ook tot op zekere hoogte met elkaar verbonden. Het probleem is echter niet zozeer de leeftijd (sociale of pyschologische leeftijd), maar de evolutie van die leeftijd met de jaren. Een oudere persoon zonder sociale contacten (hoge sociale leeftijd) zal er meer onder leiden, te meer omdat hij in het verleden, tijdens zijn beroeps- en gezinsleven, wel dergelijke relaties had. De sociale en historische achtergrond van de persoon bepalen dus ook of hij de veroudering op positieve of negatieve wijze zal ervaren.

De subjectieve leeftijd

De subjectieve leeftijd is de chronologische leeftijd die de persoon lijkt te hebben in vergelijking met anderen. Uiteraard is deze parameter afhankelijk van de biologische en fysiologische leeftijd, maar hij wordt ook beïnvloed door culturele en maatschappelijke factoren zoals die welke hoger werden vermeld.

De functionele leeftijd

De functionele leeftijd wordt bepaald door het vermogen van de persoon om een zeker lichamelijk, intellectueel of sociaal werk uit te voeren. Zij combineert dus de concepten 'biologische leeftijd' (hoofdzakelijk voor lichamelijk werk) en 'psychologische leeftijd' (voor intellectuele taken). Men kan 3 categorieën onderscheiden:

  • Gezonde en actieve personen, die er sociale en vrijetijdsactiviteiten op na hebben,

het zeer druk hebben met hun werk, zorg dragen voor een gezin en maatschappelijk geëngageerd zijn.

  • Personen met bepaalde chronische beperkingen die hulp van de familie of van de

maatschappij nodig hebben

  • Personen met lichamelijke en/of geestelijke problemen, die op anderen aangewezen

zijn voor hun dagelijkse behoeften.

Heterogeniteit

De literatuur toont aan dat de individuele verschillen veeleer geneigd zijn met de leeftijd toe te nemen bij O+, zowel op het psychologische en sociale als op het lichamelijke vlak:

  • Op het lichamelijke vlak zijn bepaalde kenmerken geneigd met de jaren af te nemen,

maar de invididuele verschillen worden groter omdat de levensverschillen meer uitgesproken zijn dan bij jongeren van 20 jaar.

  • Op het menselijke vlak wordt iedere persoon op unieke wijze gevormd door het leven, zijn

ervaringen, zijn keuzes, zijn successen en mislukkingen, zodat de verscheidenheid toeneemt.

Zie ook:

Fysieke klachten?

Fysiothrapeut.JPG Raadpleeg uw fysiotherapeut, specialist in beweging [1]

Kine.be.JPG Voor België [2]