Voet

Uit Wikifysio
Ga naar: navigatie, zoeken

Anatomie voet

Inleiding

Beschrijving:

De voet bestaat uit de voetwortel, de middenvoet en de tenen. De voetwortel bestaat uit zeven beenderen: het sprongbeen of kootbeen, het hielbeen, het scheepvormig been, het teerlingbeen en de drie wigvormige beenderen. Het sprongbeen rust op het hielbeen en vormt samen met het scheenbeen en kuitbeen het enkelgewricht. Het hielbeen is het grootste voetwortelbeen. Het bevindt zich onder het sprongbeen en rust op de grond. De middenvoet bestaat uit vijf middenvoetsbeenderen. De tenen bestaan uit drie kootjes, behalve de grote teen die er twee heeft.


De beenderen van de voet

Om in staat te zijn het hele lichaam te dragen moeten de voeten een stevige struktuur hebben. Elke voet heeft 26 beenderen, en dat aantal op zich garandeert weinig stevigheid. De vereiste stevigheid en kracht worden verzorgd door de bindweefselbanden die opgebouwd zijn uit sterke collagene vezels. Deze banden, ligamenten genaamd, verbinden de voetwortel met het onderbeen, de voetwortelbeenderen onderling, de middenvoet met de voetwortel en de middenvoetsbeenderen onderling. Voetbeenderen.JPG

De spieren van de voet

De spieren van de voet kunnen als volgt worden ingedeeld: de spieren van de voetrug, de spieren van de voetzool - buitenste laag, de spieren van de voetzool - naar binnen gelegen lagen. De spieren van de voetzool worden bedekt door een stevig peesblad dat verloopt vanaf het hielbeen naar de huid onder de hoofdjes van de middenvoetsbeenderen. De spieren van de voetrug zijn de korte tenenstrekker, de korte strekker van de grote teen, de bovenste tussenbeenspieren. De oppervlakkige spieren van de voetzool zijn de afvoerder van de grote teen, de korte tenenbuiger, de afvoerder van de kleine teen. De dieper liggende spieren van de voetzool zijn de vierkante voetzoolspier, de wormvormige spieren, de korte buiger van de grote teen, de aanvoerder van de grote teen, de aanvoerder van de kleine teen en de onderste tussenbeenspieren.

Voetspieren.jpg

Functioneel

Functioneel wordt de voet verdeeld in een steunend deel, een verend deel, een dragend deel. Het steunende deel vormen de middenvoetsbeentjes, de tenen en het hielbeen. Het verende deel wordt gevormd door het scheepvormig been, de drie wigvormige beentjes eb het teerlingbeen. Het dragende deel bestaat uit het hielbeen en het sprongbeen.

Reflexzones voet

Reflexzones voet.JPG

Beenderen

  • Tibia – fibula

(bovenste sprongewricht)

  • Talus (onderste spronggewricht) calcaneus

(Lisfranc)

  • Naviculare cuboid
  • cuneiforme med/intermed/lat

(Chopart)

  • metatarsalia

Chopart

  • Definitie; talo-tarsale gewrichten (proximaal)

Intrinsieke voetspieren

Laag 1 (oppervlakkig)

  • abductor hallucis longus
  • flexor digitorum brevis
  • abductor digiti minimi

Laag 2

  • quadratus plantae
  • lumbricales

Laag 3

  • adductor hallucis transversus
  • adductor hallucis obliques
  • flexor hallucis brevis
  • flexor digiti minimi brevis

Laag 4 (diep)

  • interossei

Belangrijkste (ondersteunen voetboog het meest)

  • abductor hallucis
  • adductor hallucis

Lisfranc

  • Definitie;tarso-metatarsale gewrichten (distaal)

Subtalair

  • Definitie; onderste spronggewricht

Sustentaculum tali

  • Lokatie mediaal

Springligament

  • Definitie; lig. calcaneo-naviculare plantare

Tibiotalair

  • Definitie;bovenste spronggewricht

Zie ook

Fysieke klachten?

Fysiothrapeut.JPG Raadpleeg uw fysiotherapeut, specialist in beweging [1]

Kine.be.JPG Voor België [2]